De of het boommigrant?

Het juiste lidwoord is:

de boommigrant

  • Meervoud: de boommigranten
  • Verkleinwoord: het boommigrantje
Betekenis (biologie) een boom die zich heeft gevestigd in een land waar het oorspronkelijk niet vandaan komt

Zo gebruik je boommigrant

Met lidwoordde boommigrant
Dit of dezedeze boommigrant
Dat of diedie boommigrant
Ons of onzeonze boommigrant
Jouwjouw boommigrant
Elk of elkeelke boommigrant
Welk of welkewelke boommigrant?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote boommigrant, de grote boommigrant
Meervoudde boommigranten, deze boommigranten

Voorbeeldzinnen met boommigrant

  • De acacia is een invasieve neofiet, een boommigrant.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).