De of het bombeltijd?

Het juiste lidwoord is:

de bombeltijd

Betekenis (juridisch) tijdsbestek dat men vuurwerk mag afsteken

Zo gebruik je bombeltijd

Met lidwoordde bombeltijd
Dit of dezedeze bombeltijd
Dat of diedie bombeltijd
Ons of onzeonze bombeltijd
Jouwjouw bombeltijd
Elk of elkeelke bombeltijd
Welk of welkewelke bombeltijd?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote bombeltijd, de grote bombeltijd

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).