De of het boerenwagen?

Het juiste lidwoord is:

de boerenwagen

  • Meervoud: de boerenwagens
  • Verkleinwoord: het boerenwagentje
Betekenis een eenvoudige wagen die wordt gebruikt door landbouwers

Zo gebruik je boerenwagen

Met lidwoordde boerenwagen
Dit of dezedeze boerenwagen
Dat of diedie boerenwagen
Ons of onzeonze boerenwagen
Jouwjouw boerenwagen
Elk of elkeelke boerenwagen
Welk of welkewelke boerenwagen?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote boerenwagen, de grote boerenwagen
Meervoudde boerenwagens, deze boerenwagens

Voorbeeldzinnen met boerenwagen

  • Het was een Duitse boerenwagen met twee paarden die beladen leek met een heel huishouden; achter de wagen, die door een Duitser werd gemend, was een mooie, bonte koe met een enorme uier gebonden.
  • Een boerenwagen bracht hem van het Engelse fregat The Warrior naar het strand. Bijna een half jaar later, op 30 maart 1814, werd hij in de Nieuwe Kerk in Amsterdam ingehuldigd als koning Willem I.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).