De of het blu-rayspeler?

Het juiste lidwoord is:

de blu-rayspeler

  • Meervoud: de blu-rayspelers
Betekenis (techniek) apparaat dat blu-ray schijfjes kan afspelen

Zo gebruik je blu-rayspeler

Met lidwoordde blu-rayspeler
Dit of dezedeze blu-rayspeler
Dat of diedie blu-rayspeler
Ons of onzeonze blu-rayspeler
Jouwjouw blu-rayspeler
Elk of elkeelke blu-rayspeler
Welk of welkewelke blu-rayspeler?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote blu-rayspeler, de grote blu-rayspeler
Meervoudde blu-rayspelers, deze blu-rayspelers

Voorbeeldzinnen met blu-rayspeler

  • Nadat hij bij een vrouw had ingebroken, nam hij haar tv, blu-rayspeler en andere elektronisch apparaten mee.
  • Hij is zelfs populairder dan de laptop, de dvd- en blu-rayspeler en de desktopcomputer.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).