De of het bisschopsmuts?

Het juiste lidwoord is:

de bisschopsmuts

  • Meervoud: de bisschopsmutsen
  • Verkleinwoord: het bisschopsmutsje
Betekenis 1. (hoofddeksel, religie) (rooms-katholiek) eenvoudig rond kapje dat geestelijken op het hoofd dragen in een kleur die hun rang aangeeft 2. (hoofddeksel, religie) (rooms-katholiek) hoofddeksel met omhoog wijzende punten, dat door kerkelijke hoogwaardigheidsbekleders gedragen wordt op plechtige gelegenheden

Zo gebruik je bisschopsmuts

Met lidwoordde bisschopsmuts
Dit of dezedeze bisschopsmuts
Dat of diedie bisschopsmuts
Ons of onzeonze bisschopsmuts
Jouwjouw bisschopsmuts
Elk of elkeelke bisschopsmuts
Welk of welkewelke bisschopsmuts?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote bisschopsmuts, de grote bisschopsmuts
Meervoudde bisschopsmutsen, deze bisschopsmutsen

Woorden die eindigen op bisschopsmuts

hunebedbisschopsmuts | oeverbisschopsmuts

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).