De of het binnenpost?

Het juiste lidwoord is:

de binnenpost

  • Meervoud: de binnenposten
Betekenis 1. (communicatie) systeem voor interne uitwisseling van schriftelijke berichten in een organisatie 2. (telecommunicatie) nummer van een bepaald telefoontoestel dat voor bellen binnen een organisatie kan worden gebruikt

Zo gebruik je binnenpost

Met lidwoordde binnenpost
Dit of dezedeze binnenpost
Dat of diedie binnenpost
Ons of onzeonze binnenpost
Jouwjouw binnenpost
Elk of elkeelke binnenpost
Welk of welkewelke binnenpost?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote binnenpost, de grote binnenpost
Meervoudde binnenposten, deze binnenposten

Voorbeeldzinnen met binnenpost

  • Wij moesten via de binnenpost met elkaar communiceren, met van die bruine enveloppen. Daar zat altijd twee dagen tussen. Ik heb nog stapels van die enveloppen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).