De of het bezettingstijd?

Het juiste lidwoord is:

de bezettingstijd

  • Meervoud: de bezettingstijden
Betekenis 1. de tijdsperiode dat een land of bebied onder controle is van een gewapende vreemde mogendheid 2. de periode van 1940 tot 1945 toen Nederland bezet werd door Duitsland

Zo gebruik je bezettingstijd

Met lidwoordde bezettingstijd
Dit of dezedeze bezettingstijd
Dat of diedie bezettingstijd
Ons of onzeonze bezettingstijd
Jouwjouw bezettingstijd
Elk of elkeelke bezettingstijd
Welk of welkewelke bezettingstijd?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote bezettingstijd, de grote bezettingstijd
Meervoudde bezettingstijden, deze bezettingstijden

Voorbeeldzinnen met bezettingstijd

  • Waren ze iets anders dan ze voordeden dat ze waren? Ze gedroegen zich eerder als een verzetsbeweging in bezettingstijd dan als een vreedzame studiekring in volkomen legaal marxisme.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).