De of het beroepsslachtoffer?

Het juiste lidwoord is:

het beroepsslachtoffer

  • Meervoud: de beroepsslachtoffers
  • Verkleinwoord: het beroepsslachtoffertje

Zo gebruik je beroepsslachtoffer

Met lidwoordhet beroepsslachtoffer
Dit of dezedit beroepsslachtoffer
Dat of diedat beroepsslachtoffer
Ons of onzeons beroepsslachtoffer
Jouwjouw beroepsslachtoffer
Elk of elkeelk beroepsslachtoffer
Welk of welkewelk beroepsslachtoffer?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot beroepsslachtoffer, het grote beroepsslachtoffer
Meervoudde beroepsslachtoffers, deze beroepsslachtoffers

Meervoud, verkleinwoord en vertaling: WikiWoordenboek, licentie CC BY-SA 4.0.