De of het beroepssector?

Het juiste lidwoord is:

de beroepssector

  • Meervoud: de beroepssectoren / beroepssectors
Betekenis een groep beroepen in een bepaalde bedrijfstak

Zo gebruik je beroepssector

Met lidwoordde beroepssector
Dit of dezedeze beroepssector
Dat of diedie beroepssector
Ons of onzeonze beroepssector
Jouwjouw beroepssector
Elk of elkeelke beroepssector
Welk of welkewelke beroepssector?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote beroepssector, de grote beroepssector
Meervoudde beroepssectoren, deze beroepssectoren

Voorbeeldzinnen met beroepssector

  • Als je factoren als opleiding, werkervaring, beroepssector en functie meeneemt in de berekening van de loonkloof, valt het percentage lager uit dan de gemiddelde 16,1 procent.
  • Het NCB vergelijkt sinds 2010 ook per beroepssector het aandeel psychische problemen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).