De of het beroepsniveau?

Het juiste lidwoord is:

het beroepsniveau

  • Meervoud: de beroepsniveaus
Betekenis een indicatie van de complexiteit en omvang van taken die bij een beroep horen

Zo gebruik je beroepsniveau

Met lidwoordhet beroepsniveau
Dit of dezedit beroepsniveau
Dat of diedat beroepsniveau
Ons of onzeons beroepsniveau
Jouwjouw beroepsniveau
Elk of elkeelk beroepsniveau
Welk of welkewelk beroepsniveau?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot beroepsniveau, het grote beroepsniveau
Meervoudde beroepsniveaus, deze beroepsniveaus

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).