De of het beroepsbekwaamheid?

Het juiste lidwoord is:

de beroepsbekwaamheid

  • Meervoud: de beroepsbekwaamheden
Regel Woorden op -heid: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis specifieke kennis en vaardigheden om het werk in een bepaald vak goed uit te doen

Zo gebruik je beroepsbekwaamheid

Met lidwoordde beroepsbekwaamheid
Dit of dezedeze beroepsbekwaamheid
Dat of diedie beroepsbekwaamheid
Ons of onzeonze beroepsbekwaamheid
Jouwjouw beroepsbekwaamheid
Elk of elkeelke beroepsbekwaamheid
Welk of welkewelke beroepsbekwaamheid?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote beroepsbekwaamheid, de grote beroepsbekwaamheid
Meervoudde beroepsbekwaamheden, deze beroepsbekwaamheden

Voorbeeldzinnen met beroepsbekwaamheid

  • Volgens haar was hij een ervaren piloot, en had hij vorige maand juist zijn jaarlijkse medisch onderzoek met goed gevolg ondergaan. Vier weken geleden was zijn beroepsbekwaamheid nog getest.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).