De of het bergjuweelbabbelaar?

Het juiste lidwoord is:

de bergjuweelbabbelaar

  • Meervoud: de bergjuweelbabbelaars
  • Verkleinwoord: het bergjuweelbabbelaartje
Betekenis (zangvogels) Ptilorrhoa leucosticta een zangvogel uit de familie Cinclosomatidae. Deze soort is endemisch in Nieuw-Guinea en telt 7 ondersoorten

Zo gebruik je bergjuweelbabbelaar

Met lidwoordde bergjuweelbabbelaar
Dit of dezedeze bergjuweelbabbelaar
Dat of diedie bergjuweelbabbelaar
Ons of onzeonze bergjuweelbabbelaar
Jouwjouw bergjuweelbabbelaar
Elk of elkeelke bergjuweelbabbelaar
Welk of welkewelke bergjuweelbabbelaar?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote bergjuweelbabbelaar, de grote bergjuweelbabbelaar
Meervoudde bergjuweelbabbelaars, deze bergjuweelbabbelaars

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).