De of het bekkenbreuk?

Het juiste lidwoord is:

de bekkenbreuk

  • Meervoud: de bekkenbreuken
Betekenis (medisch) breuk van/in het bekken

Zo gebruik je bekkenbreuk

Met lidwoordde bekkenbreuk
Dit of dezedeze bekkenbreuk
Dat of diedie bekkenbreuk
Ons of onzeonze bekkenbreuk
Jouwjouw bekkenbreuk
Elk of elkeelke bekkenbreuk
Welk of welkewelke bekkenbreuk?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote bekkenbreuk, de grote bekkenbreuk
Meervoudde bekkenbreuken, deze bekkenbreuken

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).