De of het basiselftal?

Het juiste lidwoord is:

het basiselftal

  • Meervoud: de basiselftallen
Betekenis (voetbal) het standaardelftal waarop later nog wijzigingen kunnen worden aangebracht

Zo gebruik je basiselftal

Met lidwoordhet basiselftal
Dit of dezedit basiselftal
Dat of diedat basiselftal
Ons of onzeons basiselftal
Jouwjouw basiselftal
Elk of elkeelk basiselftal
Welk of welkewelk basiselftal?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot basiselftal, het grote basiselftal
Meervoudde basiselftallen, deze basiselftallen

Voorbeeldzinnen met basiselftal

  • Langzamerhand is de coach van de Amsterdammers dus aan het schaven aan zijn basiselftal.
  • Ook Mohamed Daramy, David Neres, Perr Schuurs, Davy Klaassen en Nicolás Tagliafico stonden aan de aftrap in Istanbul, waarmee het aantal nieuwe gezichten in Ajax' basiselftal op zes kwam.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).