De of het bankvak?

Het juiste lidwoord is:

het bankvak

Betekenis de vakinhoudelijke kennis van een bankier

Zo gebruik je bankvak

Met lidwoordhet bankvak
Dit of dezedit bankvak
Dat of diedat bankvak
Ons of onzeons bankvak
Jouwjouw bankvak
Elk of elkeelk bankvak
Welk of welkewelk bankvak?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot bankvak, het grote bankvak

Voorbeeldzinnen met bankvak

  • Mijn kennis van het bankvak zal daardoor flink verouderd zijn, schat ik. Maar met alle veranderingen in de financiële wereld geldt dat op dit moment voor alle bankiers.
  • „Ik kon na een opleiding in het bankvak bij de ABN kiezen tussen De Meern en Huizen om als directeur aan de slag te gaan.”

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).