De of het banencursus?

Het juiste lidwoord is:

de banencursus

  • Meervoud: de banencursussen
  • Verkleinwoord: het banencursusje
Betekenis training om aan een nieuwe baan te komen; een sollicitatietraining of een omscholingstraject

Zo gebruik je banencursus

Met lidwoordde banencursus
Dit of dezedeze banencursus
Dat of diedie banencursus
Ons of onzeonze banencursus
Jouwjouw banencursus
Elk of elkeelke banencursus
Welk of welkewelke banencursus?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote banencursus, de grote banencursus
Meervoudde banencursussen, deze banencursussen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).