De of het balkondeel?

Het juiste lidwoord is:

de balkondeel

  • Meervoud: de balkondelen
Betekenis 1. (bouwkunde) vlonderplanken die men gebruikt op een balkon 2. (bouwkunde) deel van een balkon

Zo gebruik je balkondeel

Met lidwoordde balkondeel
Dit of dezedeze balkondeel
Dat of diedie balkondeel
Ons of onzeonze balkondeel
Jouwjouw balkondeel
Elk of elkeelke balkondeel
Welk of welkewelke balkondeel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote balkondeel, de grote balkondeel
Meervoudde balkondelen, deze balkondelen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).