De of het bakte?

Het juiste lidwoord is:

de bakte

  • Meervoud: de bakten
  • Verkleinwoord: het baktetje
Regel Woorden op -te: meestal de. Bekijk de regel
Betekenis datgene wat gebakken is of wordt

Zo gebruik je bakte

Met lidwoordde bakte
Dit of dezedeze bakte
Dat of diedie bakte
Ons of onzeonze bakte
Jouwjouw bakte
Elk of elkeelke bakte
Welk of welkewelke bakte?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote bakte, de grote bakte
Meervoudde bakten, deze bakten

Voorbeeldzinnen met bakte

  • Ze bakte een ei.
  • Tom bakte een ei.
  • Ze bakte een cake voor mij.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).