De of het autospuiter?

Het juiste lidwoord is:

de autospuiter

  • Meervoud: de autospuiters
Betekenis (beroep, techniek) iemand die een laklaag aanbrengt op een auto

Zo gebruik je autospuiter

Met lidwoordde autospuiter
Dit of dezedeze autospuiter
Dat of diedie autospuiter
Ons of onzeonze autospuiter
Jouwjouw autospuiter
Elk of elkeelke autospuiter
Welk of welkewelke autospuiter?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote autospuiter, de grote autospuiter
Meervoudde autospuiters, deze autospuiters

Voorbeeldzinnen met autospuiter

  • De inmiddels gepensioneerde neuroloog Gerard Hageman onderzocht tientallen jaren mensen met een beroep als schilder of autospuiter.
  • Imad hoopt binnenkort al een baan als autospuiter te vinden, het beroep dat hij in Homs ook uitoefende.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).