De of het autoalarm?

Het juiste lidwoord is:

het autoalarm

  • Meervoud: de autoalarmen
Betekenis een apparaat dat een, meestal luide, waarschuwing produceert als onbevoegden proberen een auto te openen

Zo gebruik je autoalarm

Met lidwoordhet autoalarm
Dit of dezedit autoalarm
Dat of diedat autoalarm
Ons of onzeons autoalarm
Jouwjouw autoalarm
Elk of elkeelk autoalarm
Welk of welkewelk autoalarm?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot autoalarm, het grote autoalarm
Meervoudde autoalarmen, deze autoalarmen

Voorbeeldzinnen met autoalarm

  • Toen de 21-jarige eigenaar van de auto zijn autoalarm hoorde afgaan snelde hij naar zijn auto, waar hij een vreemde man in zijn auto aantrof.
  • Verdachte geluiden en daarna een gillend autoalarm: bewoners van de Kooikersdreef in Apeldoorn werden vannacht opgeschrikt door een autobrand.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).