De of het aspergeteelt?

Het juiste lidwoord is:

de aspergeteelt

  • Meervoud: de aspergeteelten
Betekenis (landbouw) het kweken en verbouwen van aspergeplanten

Zo gebruik je aspergeteelt

Met lidwoordde aspergeteelt
Dit of dezedeze aspergeteelt
Dat of diedie aspergeteelt
Ons of onzeonze aspergeteelt
Jouwjouw aspergeteelt
Elk of elkeelke aspergeteelt
Welk of welkewelke aspergeteelt?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote aspergeteelt, de grote aspergeteelt
Meervoudde aspergeteelten, deze aspergeteelten

Voorbeeldzinnen met aspergeteelt

  • De aspergeteelt in ons land groeit fors.
  • In de jaren 50 van de vorige eeuw kwam de bedrijfsmatige aspergeteelt op in Noord-Limburg.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).