De of het amberkruid?

Het juiste lidwoord is:

het amberkruid

  • Meervoud: de amberkruiden
  • Verkleinwoord: het amberkruidje
Betekenis (bloemplanten) Teucrium marum een niet-winterharde, vaste plant, die behoort tot de lipbloemenfamilie (Lamiaceae). De plant komt van nature voor in het westelijke Middellandse Zeegebied.

Zo gebruik je amberkruid

Met lidwoordhet amberkruid
Dit of dezedit amberkruid
Dat of diedat amberkruid
Ons of onzeons amberkruid
Jouwjouw amberkruid
Elk of elkeelk amberkruid
Welk of welkewelk amberkruid?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot amberkruid, het grote amberkruid
Meervoudde amberkruiden, deze amberkruiden

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).