De of het amateuronderzoeker?

Het juiste lidwoord is:

de amateuronderzoeker

  • Meervoud: de amateuronderzoekers
  • Verkleinwoord: het amateuronderzoekertje
Betekenis persoon die uit liefhebberij iets onderzoek

Zo gebruik je amateuronderzoeker

Met lidwoordde amateuronderzoeker
Dit of dezedeze amateuronderzoeker
Dat of diedie amateuronderzoeker
Ons of onzeonze amateuronderzoeker
Jouwjouw amateuronderzoeker
Elk of elkeelke amateuronderzoeker
Welk of welkewelke amateuronderzoeker?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote amateuronderzoeker, de grote amateuronderzoeker
Meervoudde amateuronderzoekers, deze amateuronderzoekers

Voorbeeldzinnen met amateuronderzoeker

  • En dat was zo gebleven als amateuronderzoeker Yutaka Iwasaka, op de marinebasis in Sasebo, de dagverslagen uit 1944 niet had doorgespit.
  • Het was een amateuronderzoeker die bij toeval op het onbekend document uit 1583 stootte.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).