De of het alvermogen?

Het juiste lidwoord is:

het alvermogen

Betekenis onbeperkte macht over alles en iedereen (van een god of een vorst)

Zo gebruik je alvermogen

Met lidwoordhet alvermogen
Dit of dezedit alvermogen
Dat of diedat alvermogen
Ons of onzeons alvermogen
Jouwjouw alvermogen
Elk of elkeelk alvermogen
Welk of welkewelk alvermogen?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot alvermogen, het grote alvermogen

Voorbeeldzinnen met alvermogen

  • Dominee Jonker zeer fraai gepreekt over het herstel van Oranje en eenige verzen van psalm 118 doen zingen alwaar zeer ontroerd bij de regelen …
  • Door Gods Alvermogen is het weederom „Oranje Booven" geworden in mijn Vaderlant.

Woorden die eindigen op alvermogen

taalvermogen

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).