De of het alpenhoren?

Het juiste lidwoord is:

de alpenhoren

  • Meervoud: de alpenhorens
Betekenis alpenhoorn

Zo gebruik je alpenhoren

Met lidwoordde alpenhoren
Dit of dezedeze alpenhoren
Dat of diedie alpenhoren
Ons of onzeonze alpenhoren
Jouwjouw alpenhoren
Elk of elkeelke alpenhoren
Welk of welkewelke alpenhoren?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote alpenhoren, de grote alpenhoren
Meervoudde alpenhorens, deze alpenhorens

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).