De of het allroundtitel?

Het juiste lidwoord is:

de allroundtitel

  • Meervoud: de allroundtitels
Betekenis (sport) een eerbewijs voor een schaatser die tijdens een kampioenschap op de lange baan gemiddeld over de lange en korte afstanden de snelste was

Zo gebruik je allroundtitel

Met lidwoordde allroundtitel
Dit of dezedeze allroundtitel
Dat of diedie allroundtitel
Ons of onzeonze allroundtitel
Jouwjouw allroundtitel
Elk of elkeelke allroundtitel
Welk of welkewelke allroundtitel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote allroundtitel, de grote allroundtitel
Meervoudde allroundtitels, deze allroundtitels

Voorbeeldzinnen met allroundtitel

  • Kramer pakte in 2005 zijn eerste Nederlandse allroundtitel. Later was hij nog de beste in 2007, 2008, 2009, 2013 en 2015. Wüst won in 2007, 2008, 2009 en 2015.
  • Nauta verovert Nederlandse allroundtitel in 2014

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).