De of het alarmlicht?

Het juiste lidwoord is:

het alarmlicht

  • Meervoud: de alarmlichten
  • Verkleinwoord: het alarmlichtje
Betekenis signaallampen aan de achterzijde van een auto, waarmee men aangeeft dat er gevaar dreigt

Zo gebruik je alarmlicht

Met lidwoordhet alarmlicht
Dit of dezedit alarmlicht
Dat of diedat alarmlicht
Ons of onzeons alarmlicht
Jouwjouw alarmlicht
Elk of elkeelk alarmlicht
Welk of welkewelk alarmlicht?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot alarmlicht, het grote alarmlicht
Meervoudde alarmlichten, deze alarmlichten

Voorbeeldzinnen met alarmlicht

  • Dora blijft staan en zet haar alarmlichten aan om de shovel ruimte te geven om te manoeuvreren.
  • Als ik op de snelweg plots stil kom te staan, zet ik altijd mijn alarmlichten aan.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).