De of het agrotoerist?

Het juiste lidwoord is:

de agrotoerist

  • Meervoud: de agrotoeristen
Regel Woorden op -ist: bijna altijd de. Bekijk de regel
Betekenis iemand die voor zijn plezier en ontspanning gaat werken op een boerderij

Zo gebruik je agrotoerist

Met lidwoordde agrotoerist
Dit of dezedeze agrotoerist
Dat of diedie agrotoerist
Ons of onzeonze agrotoerist
Jouwjouw agrotoerist
Elk of elkeelke agrotoerist
Welk of welkewelke agrotoerist?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote agrotoerist, de grote agrotoerist
Meervoudde agrotoeristen, deze agrotoeristen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).