De of het agribulk?

Het juiste lidwoord is:

de agribulk

Betekenis (landbouw) gewassen die in zeer grote hoeveelheden worden geproduceerd; agrarische massagoederen

Zo gebruik je agribulk

Met lidwoordde agribulk
Dit of dezedeze agribulk
Dat of diedie agribulk
Ons of onzeonze agribulk
Jouwjouw agribulk
Elk of elkeelke agribulk
Welk of welkewelke agribulk?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote agribulk, de grote agribulk

Voorbeeldzinnen met agribulk

  • De overslag van steenkool is met 27 procent gestegen en de overslag van agribulk nam met 24 procent toe.
  • Nu zijn vooral kolen, erts en schroot en agribulk flink gestegen', zei Hans Smits, president-directeur van het Havenbedrijf Rotterdam.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).