De of het afstammingsrecht?

Het juiste lidwoord is:

het afstammingsrecht

  • Meervoud: de afstammingsrechten
Betekenis 1. (juridisch, politiek) wetgeving rond de erfopvolging 2. (juridisch) geheel van wetgeving rond bloedverwantschap, vaderschap en dergelijke

Zo gebruik je afstammingsrecht

Met lidwoordhet afstammingsrecht
Dit of dezedit afstammingsrecht
Dat of diedat afstammingsrecht
Ons of onzeons afstammingsrecht
Jouwjouw afstammingsrecht
Elk of elkeelk afstammingsrecht
Welk of welkewelk afstammingsrecht?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot afstammingsrecht, het grote afstammingsrecht
Meervoudde afstammingsrechten, deze afstammingsrechten

Voorbeeldzinnen met afstammingsrecht

  • ‘In het kader van de behandeling van een toekomstige toestemmingswet kan door de regering en de Staten-Generaal zo nodig nader stil worden gestaan bij de afstammingsrechtelijke positie van kinderen …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).