De of het aflaathandel?

Het juiste lidwoord is:

de aflaathandel

  • Verkleinwoord: het aflaathandeltje
Betekenis (religie, economie) handel in bewijzen die een vermindering van de straftijd in het vagevuur zouden bewerkstelligen

Zo gebruik je aflaathandel

Met lidwoordde aflaathandel
Dit of dezedeze aflaathandel
Dat of diedie aflaathandel
Ons of onzeonze aflaathandel
Jouwjouw aflaathandel
Elk of elkeelke aflaathandel
Welk of welkewelke aflaathandel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote aflaathandel, de grote aflaathandel

Voorbeeldzinnen met aflaathandel

  • Later deze week bezoekt het paar de Slotkerk in Wittenberg waar Luther zich in 1517 uitsprak tegen de aflaathandel in de kerk in 95 stellingen …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).