De of het activiteitenkalender?

Het juiste lidwoord is:

de activiteitenkalender

  • Meervoud: de activiteitenkalenders
  • Verkleinwoord: het activiteitenkalendertje
Betekenis een tabel waarop staat wanneer men aan welke bezigheden kan deelnemen

Zo gebruik je activiteitenkalender

Met lidwoordde activiteitenkalender
Dit of dezedeze activiteitenkalender
Dat of diedie activiteitenkalender
Ons of onzeonze activiteitenkalender
Jouwjouw activiteitenkalender
Elk of elkeelke activiteitenkalender
Welk of welkewelke activiteitenkalender?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote activiteitenkalender, de grote activiteitenkalender
Meervoudde activiteitenkalenders, deze activiteitenkalenders

Voorbeeldzinnen met activiteitenkalender

  • Stichting Welzijn Tubbergen Dinkelland is inmiddels gevraagd om hiervoor een activiteitenkalender op te stellen, zoveel mogelijk in samenwerking met verenigingen.
  • Ook Hengelo valt stil nu alles op de activiteitenkalender wordt geschrapt en thuisblijven voorlopig de enige optie is.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).