De of het aboriginal?

Het juiste lidwoord is:

de aboriginal

  • Meervoud: de aboriginals
  • Verkleinwoord: het aboriginalletje
Betekenis oorspronkelijke bewoner van een gebied voordat (met name Engelstalige) immigranten zich daar gingen vestigen …

Zo gebruik je aboriginal

Met lidwoordde aboriginal
Dit of dezedeze aboriginal
Dat of diedie aboriginal
Ons of onzeonze aboriginal
Jouwjouw aboriginal
Elk of elkeelke aboriginal
Welk of welkewelke aboriginal?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote aboriginal, de grote aboriginal
Meervoudde aboriginals, deze aboriginals

Voorbeeldzinnen met aboriginal

  • Een jonge Canadese aboriginal vertelt zijn grootvader hoe wanhopig hij is.
  • We wilden onder meer graag een bezoek brengen aan de oudste bewoners van Taiwan, de „aboriginals", van wie de geleerden nog steeds niet weten waar ze eigenlijk vandaan komen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).