De of het aardgasgeld?

Het juiste lidwoord is:

het aardgasgeld

  • Meervoud: de aardgasgelden
Betekenis (mijnbouw, economie) geld dat men heeft verdient door het verkopen van aardgas

Zo gebruik je aardgasgeld

Met lidwoordhet aardgasgeld
Dit of dezedit aardgasgeld
Dat of diedat aardgasgeld
Ons of onzeons aardgasgeld
Jouwjouw aardgasgeld
Elk of elkeelk aardgasgeld
Welk of welkewelk aardgasgeld?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot aardgasgeld, het grote aardgasgeld
Meervoudde aardgasgelden, deze aardgasgelden

Voorbeeldzinnen met aardgasgeld

  • Het overgrote deel van het aardgasgeld is opgegaan in de algemene middelen van de rijksbegroting.
  • Ons heel sociale stelsel is op aardgasgeld gebouwd."

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).