De of het aardappelkelder?

Het juiste lidwoord is:

de aardappelkelder

  • Meervoud: de aardappelkelders
  • Verkleinwoord: het aardappelkeldertje
Betekenis (bouwkunde) ondergrondse opslagplaats voor aardapels

Zo gebruik je aardappelkelder

Met lidwoordde aardappelkelder
Dit of dezedeze aardappelkelder
Dat of diedie aardappelkelder
Ons of onzeonze aardappelkelder
Jouwjouw aardappelkelder
Elk of elkeelke aardappelkelder
Welk of welkewelke aardappelkelder?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote aardappelkelder, de grote aardappelkelder
Meervoudde aardappelkelders, deze aardappelkelders

Voorbeeldzinnen met aardappelkelder

  • Wie geen aardappelkelder had, hield kippen of eenden, kon elektriciteitsleidingen verleggen, wist hoe je goedkoop aan dakpannen kon komen of reed om de twee weken voor sigaretten naar Polen.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).