De of het aanvalsleider?

Het juiste lidwoord is:

de aanvalsleider

  • Meervoud: de aanvalsleiders
Betekenis (sport, militair) iemand die een team voorgaat in de strijd; iemand die een aanval coördineert

Zo gebruik je aanvalsleider

Met lidwoordde aanvalsleider
Dit of dezedeze aanvalsleider
Dat of diedie aanvalsleider
Ons of onzeonze aanvalsleider
Jouwjouw aanvalsleider
Elk of elkeelke aanvalsleider
Welk of welkewelke aanvalsleider?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote aanvalsleider, de grote aanvalsleider
Meervoudde aanvalsleiders, deze aanvalsleiders

Voorbeeldzinnen met aanvalsleider

  • De 33-jarige aanvalsleider van Real Madrid raakte even daarvoor met zijn rechterbeen een Bulgaarse verdediger bij het neerkomen na een kopbal.
  • Mariner was acht jaar lang de aanvalsleider van die ploeg, goed voor 139 goals in 339 duels.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).