De of het aantrekker?

Het juiste lidwoord is:

de aantrekker

  • Meervoud: de aantrekkers
Betekenis 1. (wielrennen) gangmaker voor een sprinter 2. hulpmiddel voor het aantrekken van schoenen, laarzen of andere kledingstukken

Zo gebruik je aantrekker

Met lidwoordde aantrekker
Dit of dezedeze aantrekker
Dat of diedie aantrekker
Ons of onzeonze aantrekker
Jouwjouw aantrekker
Elk of elkeelke aantrekker
Welk of welkewelke aantrekker?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote aantrekker, de grote aantrekker
Meervoudde aantrekkers, deze aantrekkers

Voorbeeldzinnen met aantrekker

  • In de massasprint Carcassonne drukte hij zijn wiel nota bene voor zijn eigen aantrekker Michael Mørkøv over de streep.

Woorden die eindigen op aantrekker

schoenaantrekker

Bij samenstellingen bepaalt het laatste deel het lidwoord. Bekijk de regel

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).