De of het aannemerskartel?

Het juiste lidwoord is:

het aannemerskartel

  • Meervoud: de aannemerskartels
Betekenis (bouwkunde) groep bouwbedrijven die proberen de markt te beheersen

Zo gebruik je aannemerskartel

Met lidwoordhet aannemerskartel
Dit of dezedit aannemerskartel
Dat of diedat aannemerskartel
Ons of onzeons aannemerskartel
Jouwjouw aannemerskartel
Elk of elkeelk aannemerskartel
Welk of welkewelk aannemerskartel?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een groot aannemerskartel, het grote aannemerskartel
Meervoudde aannemerskartels, deze aannemerskartels

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).