De of het aanhaker?

Het juiste lidwoord is:

de aanhaker

  • Meervoud: de aanhakers
  • Verkleinwoord: het aanhakertje
Betekenis persoon of organisatie die nog net kan meedoen met een kopgroep

Zo gebruik je aanhaker

Met lidwoordde aanhaker
Dit of dezedeze aanhaker
Dat of diedie aanhaker
Ons of onzeonze aanhaker
Jouwjouw aanhaker
Elk of elkeelke aanhaker
Welk of welkewelke aanhaker?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote aanhaker, de grote aanhaker
Meervoudde aanhakers, deze aanhakers

Voorbeeldzinnen met aanhaker

  • Zo tonen de diverse peilingen een dag voor de verkiezingen een spannende driestrijd - mogelijk nog met NSC als vierde aanhaker - tussen VVD, GL-PvdA en PVV.
  • Redacties van alle uiteenlopende programma’s van de publieke omroep hingen aan de lippen van Van Dammen wanneer hij hun kijkcijfers analyseerde en de mogelijke oorzaken van weglopers …

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).