De of het aalbesachtigen?

Het juiste lidwoord is:

de aalbesachtigen

Betekenis (bloemplanten) geslacht Ribes plantengeslacht waar de aalbes lid van is

Zo gebruik je aalbesachtigen

Met lidwoordde aalbesachtigen
Dit of dezedeze aalbesachtigen
Dat of diedie aalbesachtigen
Ons of onzeonze aalbesachtigen
Jouwjouw aalbesachtigen
Elk of elkeelke aalbesachtigen
Welk of welkewelke aalbesachtigen?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote aalbesachtigen, de grote aalbesachtigen

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).