De of het uitreiscontrole?

Het juiste lidwoord is:

de uitreiscontrole

  • Meervoud: de uitreiscontroles
Betekenis de controle op goederen of mensen bij het buitenreizen van een land of ander gebied

Zo gebruik je uitreiscontrole

Met lidwoordde uitreiscontrole
Dit of dezedeze uitreiscontrole
Dat of diedie uitreiscontrole
Ons of onzeonze uitreiscontrole
Jouwjouw uitreiscontrole
Elk of elkeelke uitreiscontrole
Welk of welkewelke uitreiscontrole?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote uitreiscontrole, de grote uitreiscontrole
Meervoudde uitreiscontroles, deze uitreiscontroles

Voorbeeldzinnen met uitreiscontrole

  • Toen we op vakantie gingen vond er een uitreiscontrole plaats.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).