De of het trekarm?

Het juiste lidwoord is:

de trekarm

  • Meervoud: de trekarmen
  • Verkleinwoord: het trekarmpje
Betekenis 1. handvat boven het bed waaraan een patiënt zich vanuit liggende houding kan optrekken 2. de arm waarmee een handboogschutter aan de pees trekt

Zo gebruik je trekarm

Met lidwoordde trekarm
Dit of dezedeze trekarm
Dat of diedie trekarm
Ons of onzeonze trekarm
Jouwjouw trekarm
Elk of elkeelke trekarm
Welk of welkewelke trekarm?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote trekarm, de grote trekarm
Meervoudde trekarmen, deze trekarmen

Voorbeeldzinnen met trekarm

  • Een klusjesman zorgde dat het bed wat hoger kwam te staan en monteerde een papegaai (trekarm) eraan voor het in en uit bed stappen van Piet.
  • Ze had een gebroken bekken, een gebroken neus, twee gebroken kaken en tot overmaat van ramp was ook haar voor het handboogschieten zo belangrijke 'trekarm' gebroken.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).