De of het tolpoort?

Het juiste lidwoord is:

de tolpoort

  • Meervoud: de tolpoorten
  • Verkleinwoord: het tolpoortje
Betekenis poortje waar men (electronisch) de tol voor een weg kan betalen

Zo gebruik je tolpoort

Met lidwoordde tolpoort
Dit of dezedeze tolpoort
Dat of diedie tolpoort
Ons of onzeonze tolpoort
Jouwjouw tolpoort
Elk of elkeelke tolpoort
Welk of welkewelke tolpoort?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote tolpoort, de grote tolpoort
Meervoudde tolpoorten, deze tolpoorten

Voorbeeldzinnen met tolpoort

  • Op de Franse autosnelwegen staan veel tolpoortjes.
  • De meeste vakantiegangers nemen de Autoroute du Soleil, een ongezellige snelweg met irritante tolpoorten en karakterloze wegrestaurants.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).