De of het sloeber?

Het juiste lidwoord is:

de sloeber

  • Meervoud: de sloebers
  • Verkleinwoord: het sloebertje
Betekenis 1. een onbeschaafde, smerige man, een stakker 2. iemand die veel en snel eet

Zo gebruik je sloeber

Met lidwoordde sloeber
Dit of dezedeze sloeber
Dat of diedie sloeber
Ons of onzeonze sloeber
Jouwjouw sloeber
Elk of elkeelke sloeber
Welk of welkewelke sloeber?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote sloeber, de grote sloeber
Meervoudde sloebers, deze sloebers

Voorbeeldzinnen met sloeber

  • Die staat ook op het blauwe naambordje: Pracinha d’Quebrod, Kaapverdisch voor zoiets als ‘plein van de arme sloebers’.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).