De of het gifstof?

Het juiste lidwoord is:

de gifstof

  • Meervoud: de gifstoffen
Betekenis chemische verbinding die een schadelijke invloed heeft op een levend organisme

Zo gebruik je gifstof

Met lidwoordde gifstof
Dit of dezedeze gifstof
Dat of diedie gifstof
Ons of onzeonze gifstof
Jouwjouw gifstof
Elk of elkeelke gifstof
Welk of welkewelke gifstof?
Met bijvoeglijk naamwoord (bijv. groot)een grote gifstof, de grote gifstof
Meervoudde gifstoffen, deze gifstoffen

Voorbeeldzinnen met gifstof

  • Behalve bacterie- of virussstukjes kan het vaccin ook de gifstof van een bacterie bevatten, of een nog levend, maar verzwakt virus dat zelf geen ziekte meer veroorzaakt.

Betekenis, meervoud, verkleinwoord, uitspraak en vertalingen: WikiWoordenboek (CC BY-SA 4.0). Voorbeeldzinnen: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).