De or het feestganger?

The correct Dutch article is:

de feestganger

  • Plural: de feestgangers
  • Diminutive: het feestgangertje
Meaning (Dutch) iemand die naar een feest gaat

How to use feestganger

the feestgangerde feestganger
this feestgangerdeze feestganger
that feestgangerdie feestganger
our feestgangeronze feestganger
your feestgangerjouw feestganger
every feestgangerelke feestganger
which feestganger?welke feestganger?
a big feestganger / the big feestgangereen grote feestganger, de grote feestganger
the feestganger (plural)de feestgangers, deze feestgangers

Example sentences with feestganger

  • Zaterdag konden autoriteiten de dood van negen personen bevestigen, maar toen al vreesde men voor meer slachtoffers omdat er nog 25 feestgangers werden vermist.
  • Voor feestgangers die op een andere plek de vrijheid willen vieren, is in Het Volkspark een ander, gratis evenement voor de jeugd.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).