De or het diggel?

The correct Dutch article is:

de diggel

  • Plural: de diggelen / diggels
  • Diminutive: het diggeltje
Meaning (Dutch) scherf

How to use diggel

the diggelde diggel
this diggeldeze diggel
that diggeldie diggel
our diggelonze diggel
your diggeljouw diggel
every diggelelke diggel
which diggel?welke diggel?
a big diggel / the big diggeleen grote diggel, de grote diggel
the diggel (plural)de diggelen, deze diggelen

Example sentences with diggel

  • De dief sloeg het venster aan diggelen. “The thief smashed the window.”
  • Mijn stoute zus heeft mijn spaarvarken aan diggelen gegooid. “My piggy bank was broken by my naughty sister.”
  • De hele boel lag aan diggelen toen de storm was gaan liggen. “Everything was in ruins once the storm subsided.”

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).