De or het reisgezel?

The correct Dutch article is:

de reisgezel

  • English: travelling companion
  • Plural: de reisgezellen
Meaning (Dutch) iemand waarmee je samen een reis maakt

How to use reisgezel

the travelling companionde reisgezel
this travelling companiondeze reisgezel
that travelling companiondie reisgezel
our travelling companiononze reisgezel
your travelling companionjouw reisgezel
every travelling companionelke reisgezel
which travelling companion?welke reisgezel?
a big travelling companion / the big travelling companioneen grote reisgezel, de grote reisgezel
the travelling companion (plural)de reisgezellen, deze reisgezellen

Example sentences with reisgezel

  • Hij kreeg weer leven in het kleine kattenlijf en begroette uiteindelijk een vrolijke reisgezel die vaak op zijn schouder klom.
  • Ook als de verdachte zijn reisgezel niet laat antwoorden of hem/haar geen moment uit het oog verliest, moet alarm geslagen worden.

Dutch words starting with reisgezel

reisgezelschap

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).