De or het gesprekspartner?

The correct Dutch article is:

de gesprekspartner

  • English: interlocutor
  • Plural: de gesprekspartners
  • Diminutive: het gesprekspartnertje
Meaning (Dutch) een persoon die deelneemt aan een gesprek

How to use gesprekspartner

the interlocutorde gesprekspartner
this interlocutordeze gesprekspartner
that interlocutordie gesprekspartner
our interlocutoronze gesprekspartner
your interlocutorjouw gesprekspartner
every interlocutorelke gesprekspartner
which interlocutor?welke gesprekspartner?
a big interlocutor / the big interlocutoreen grote gesprekspartner, de grote gesprekspartner
the interlocutor (plural)de gesprekspartners, deze gesprekspartners

Example sentences with gesprekspartner

  • De gesprekspartner was nogal irritant aanwezig.
  • "En geloof het of niet, mijn gesprekspartner had zo'n stukje stof bij zich en heeft het meteen aan mij gegeven.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).