De or het det?

The correct Dutch article is:

de det

  • Plural: de detten
  • Diminutive: het detje
Meaning (Dutch) 1. (geologie) stuk rots 2. (wegenbouw) stuk steen gebruikt als wegverharding

How to use det

the detde det
this detdeze det
that detdie det
our detonze det
your detjouw det
every detelke det
which det?welke det?
a big det / the big deteen grote det, de grote det
the det (plural)de detten, deze detten

Example sentences with det

  • Maar onder Hostes regie blijf je voortdurend zien waar de loden det nu weer heenschiet en tegen welk nieuw (vermeend) verraad de flipperbal ketst en kaatst.

Meaning, plural, diminutive, pronunciation and translations: WikiWoordenboek (Dutch Wiktionary) (CC BY-SA 4.0). Example sentences: Tatoeba (CC BY 2.0 FR).